słownik wyrażeń holendersko - polskich
| a |b |c |d |e |f |g |h |i |j |k |l |m |n |o |p |Q |r |s |t |u |v |w |x |y |z |
Znaleziono: 627
eten, etenswaar, spijs, gerecht
eten, etenswaar, spijs, gerecht
eten, etenswaar, spijs, gerecht
eten, etenswaar, spijs, gerecht
eten, etenswaar, spijs, gerecht
eten, etenswaar, spijs, gerecht
ethiek, zedenkunde, zedenleer
ethiek, zedenkunde, zedenleer
ethisch, zedenkundig
etiquette, label, etiket
ets
ets
ets
ettergezwel, abces, etterbuil
ettergezwel, abces, etterbuil
ettergezwel, abces, etterbuil
Europa
Europa
Europeaan, blanke
Europeaan, blanke
evangelie
evangelie
evenaar, evennachtslijn, equator
evenbeeld, beeltenis, portret
evenbeeld, beeltenis, portret
evenmin, noch
evenmin, noch
evenmin, noch
evenmin, noch
evenmin, noch
evenredigheid, proportie, verhouding
evenredigheid, proportie, verhouding
evenredigheid, proportie, verhouding
eventualiteit
eventualiteit
eventualiteit
eventualiteit
eventueel, gebeurlijk
eventueel, gebeurlijk
eventueel, gebeurlijk
eventueel, gebeurlijk
evenwichtstoestand, balans, evenwicht
evenwichtstoestand, balans, evenwicht
evenwijdig, parallel
evenwijdig, parallel
evenwijdig, parallel
evenwijdig, parallel
evenzeer, even, gelijkelijk, gelijk
evenzeer, even, gelijkelijk, gelijk
evenzeer, mede, eveneens, ook