słownik wyrażeń holendersko - polskich
| a |b |c |d |e |f |g |h |i |j |k |l |m |n |o |p |Q |r |s |t |u |v |w |x |y |z |
Znaleziono: 627
energie, arbeidsvermogen, spirit, fut
energiek, flink, krachtig, ferm
enfin, komaan, nou, nu, wel, tja
enfin, komaan, nou, nu, wel, tja
enfin, komaan, nou, nu, wel, tja
enfin, komaan, nou, nu, wel, tja
eng, griezelig
eng, griezelig
engel
engel
engel
engelachtig
Engeland, Albion
Engeland, Albion
Engeland, Albion
Engels
Engels
Engels
Engelse
Engelsman
enig, een of andere, een of ander
enig, een of andere, een of ander
enkel
enkel
enkel, bloot, louter
enkel, bloot, louter
enkel, bloot, louter
enkel, bloot, louter
enkel, bloot, louter
enkel, bloot, louter
enkel, bloot, louter
enkel, bloot, louter
enkel, bloot, louter
enorm
enorm, uiterst
enquete
enquete
enthousiasme, geestdrift
enthousiasme, geestdrift
enthousiast, uitbundig, geestdriftig
entree, ingang, toegang
entree, ingang, toegang
entree, ingang, toegang
entree, ingang, toegang
entree, ingang, toegang
entstof, vaccin, vaccine
entstof, vaccin, vaccine
entstof, vaccin, vaccine
entstof, vaccin, vaccine
entstof, vaccin, vaccine