słownik wyrażeń holendersko - polskich
| a |b |c |d |e |f |g |h |i |j |k |l |m |n |o |p |Q |r |s |t |u |v |w |x |y |z |
Znaleziono: 1184
kan, kruik
kanarie
kandelaar, blaker
kandelaar, blaker
kandidaat, sollicitant, aspirant
kandidaat, sollicitant, aspirant
kandidaat, sollicitant, aspirant
kangoeroe
kanker
kanker
kankeren, mopperen, sputteren, morren
kankeren, mopperen, sputteren, morren
kannibaal, menseneter
kans lopen, op het spel zetten
kans lopen, op het spel zetten
kans lopen, op het spel zetten
kans lopen, op het spel zetten
kans lopen, op het spel zetten
kansel, leerstoel, katheder
kansel, leerstoel, katheder
kansel, leerstoel, katheder
kanselredenaar, predikant
kant
kant
kant
kant
kant, marge, rand
kant, marge, rand
kant, marge, rand
kant, marge, rand
kant, marge, rand
kantig
kantig
kantig
kantoor
kantoor
kantoor
kantoor
kantoor
kap, dak, overkapping
kap, lampekap
kapel, muziekkapel
kapel, muziekkapel
kapitaal, vermogen
kapitaal, vermogen
kapitaal, vermogen
kapitaal, vermogen
kapitaal, vermogen
kapitalist
kapitalist