słownik wyrażeń holendersko - polskich
| a |b |c |d |e |f |g |h |i |j |k |l |m |n |o |p |Q |r |s |t |u |v |w |x |y |z |
Znaleziono: 1184
kegel
kegel
kegel
kegel
kegel
kegel
kegel
kegel
kegel
kegel
kegel
keihard
keilen, werpen, uitspelen, gooien
keilen, werpen, uitspelen, gooien
keilen, werpen, uitspelen, gooien
keilen, werpen, uitspelen, gooien
keilen, werpen, uitspelen, gooien
keizer
keizer
keizerin
kelder
kelder
kelder
kelder
kelder
kelder
kelner
Keltisch
Keltisch
Keltisch
kemel, kameel
kenmerken, karakteriseren, tekenen
kenmerken, karakteriseren, tekenen
kennelijk, evident, apert
kennen, bekend zijn met
kennen, bekend zijn met
kennen, bekend zijn met
kennen, bekend zijn met
kenner, deskundige, expert
kenner, deskundige, expert
kennis, relatie, bekende
kennis, relatie, bekende
kennis, relatie, bekende
kenschets
kerel, persoon, knul, sujet, snuiter
kerel, persoon, knul, sujet, snuiter
kerel, persoon, sujet, knul, snuiter
kerel, persoon, sujet, knul, snuiter
kerk
kerk