słownik wyrażeń holendersko - polskich




| a |b |c |d |e |f |g |h |i |j |k |l |m |n |o |p |Q |r |s |t |u |v |w |x |y |z |





Znaleziono: 357

POKAŻ STRONĘ: 0 1 2 3 4 5 6 7

uier, pram
uil
uiltje, uil, nachtvlinder
uiltje, uil, nachtvlinder
uiltje, uil, nachtvlinder
uit elkaar houden, onderscheid maken
uit elkaar houden, onderscheid maken
uit elkaar houden, onderscheid maken
uit het hoofd leren, van buiten leren
uit het hoofd leren, van buiten leren
uit het hoofd leren, van buiten leren
uit vrije wil, vrijwillig
uitbarsting, ontploffing, explosie
uitbarsting, ontploffing, explosie
uitbarsting, ontploffing, explosie
uitbazuinen
uitbeelden, verbeelden, afbeelden
uitbeelden, verbeelden, afbeelden
uitbotten, spruiten, botten
uitbotten, spruiten, botten
uitbotten, spruiten, botten
uitbotten, spruiten, botten
uitbouwen, vergroten, uitbreiden
uitbouwen, vergroten, uitbreiden
uitbouwen, vergroten, uitbreiden
uitbouwen, vergroten, uitbreiden
uitbouwen, vergroten, uitbreiden
uitbouwen, vergroten, uitbreiden
uitbouwing, vergroting
uitbouwing, vergroting
uitbuiten, exploiteren, uitmelken
uitbuiten, exploiteren, uitmelken
uitbuiten, exploiteren, uitmelken
uitbuiten, exploiteren, uitmelken
uitbuiten, exploiteren, uitmelken
uitbundig, copieus, abundant, rijk
uitbundig, copieus, abundant, rijk
uitbundig, copieus, abundant, rijk
uitbundig, copieus, abundant, rijk
uitdagen, tarten, trotseren, uittarten
uitdelen, ronddelen, rondgeven
uitdelen, ronddelen, rondgeven
uitdelen, ronddelen, rondgeven
uitdelen, ronddelen, rondgeven
uitdelen, ronddelen, rondgeven
uitdenken, bekokstoven, bedenken
uitdrukken
uitdrukken
uitdrukken
uitdrukken